










|
|
 |
Meer over TDF ieniemienie...
Tan Dwergen Fokstal ieniemienie is gelegen vlakbij
Utrecht. Het is een piepkleine fokkerij van tan dwergen, officieel 'kleurdwergen
met het tan patroon, kleur zwart', sinds 2006. De dieren worden
gefokt voor de tentoonstelling, maar de dieren die niet helemaal aan de
eisen voldoen, worden verkocht.
|
|
| TDF ieniemienie heeft ook een paar andere kleuren / rassen, maar alleen
maar omdat die gebruikt kunnen worden voor het fokken van tan-zwarte
kleurdwergen. Een voorbeeld is de haaskleurige
kleurdwerg. De tan-blauw werd eerst ook gebruikt maar
die vind ik niet mooi dus daar ben ik mee gestopt.
Nadeel is dat veel fokvoedsters van TDF ieniemienie voor
blauw dragen en er soms nog een geboren wordt. |
 |
| kleurdwerg tan-blauw |
|
|
 |
| kleurdwerg haaskleur |
|
|

zwart otter (4BW-640)

De eerste mooie F1-otter, gefokt door
TDF ieniemienie in 2009. Deze ram wordt nu
gebruikt voor de fok van F2-otters. |
Otter
Om het ras te verbeteren heb ik kleurdwerg
otter
ingekruist. Deze is mooier qua bouw en kleiner, maar helaas gaat de
vurige tan-kleur achteruit door het inkruisen omdat de
otter weinig roodfactoren heeft. Vele tan dwerg
fokkers zijn het dan ook niet eens met deze manier van
fokken. In TDF ieniemienie zijn echter
al enkele mooie dieren geboren uit kruisingen met otter.
F1-otter: kruisingen van tan
dwergen x otter worden op deze site F1 otter genoemd.
Zo'n dier bevat dus 50% 'otterbloed' en lijkt qua kleur
sterk op een otter (veel wit, weinig tan). Het dier
heeft een blauwe inblaas aan de buik (ongewenst bij de
tan dwerg).
F2-otter: een kruising van F1
otter x tan dwerg wordt op deze site F2 otter genoemd.
Deze bevat dus 25% 'otterbloed'. De dieren hebben
variabele hoeveelheid roodfactoren (voor de tan kleur)
en hebben soms een blauwe inblaas aan de buik (ongewenst
bij de tan dwerg).
F1xF1-otter: kruising van
F1-otter x F1-otter. Deze bevat dus 50% 'otterbloed',
maar het uiterlijk kan zeer sterk variëren: De dieren
hebben variabele hoeveelheid roodfactoren (voor de tan
kleur) en hebben meestal een blauwe inblaas aan de buik
(ongewenst bij de tan dwerg). |

De F1-otter heeft nog erg weinig roodfactoren
en een te smalle oogring.
Dit is een (grote) tan. Deze heeft
véél roodfactoren!
|
|
Het (grote) tan konijn
Oorspronkelijk is het ras ontstaan uit het
tan konijn, dit is
een konijn van ca. 3 kg en lange opstaande oren. Deze dieren hebben
over het algemeen een
veel mooier patroon (breder verspreid) en de tan-kleur is enorm vurig.
TDF ieniemienie is
bezig met een aparte foklijn van tan konijn x kleurdwerg, om 2 redenen.
Ten eerste kan op deze manier uiteindelijk het patroon en de tan-kleur
verbeterd worden.
Ten tweede is het genetisch gezien erg gezond voor de
populatie, omdat er relatief weinig tan-zwarte kleurdwergen bestaan (heterosis
effect).
De kleinste dieren met het mooiste tanpatroon worden steeds
geselecteerd. Het zal echter een hele lange weg zijn om uit deze lijn
dwergjes te fokken, omdat o.a. de factoren 'lange oren' en 'zwaar
gewicht' genetisch gezien dominant zijn en daarom steeds terug zullen
komen. (bron: dhr. Riezebos)
F1-grote tan: kruisingen van
tan konijn x kleurdwerg worden op deze site F1-grote tan
genoemd. Deze dieren bevatten dus 50% 'grote tan bloed'.
Deze dieren hebben meestal meer roodfactoren dan de tan
dwerg, maar ze zijn ook vaak bijna net zo groot als het
tan konijn en de kop is ook smal.
F2-grote tan: kruisingen van F1-grote
tan x tan dwerg. Deze dieren bevatten dus 25% 'grote tan
bloed'. Deze dieren hebben (hopelijk) wat meer
roodfactoren dan de tan dwerg. |

Het tan konijn (1e
en 2e foto)
is groter dan de tan dwerg. De oren zijn langer en de
kop smaller. Het tan konijn heeft meestal meer
roodfactoren dan de tan dwerg (3e
foto). |
|
|
 |
Selectie van de tan dwergen
De officiële
naam van de tan dwerg is 'kleurdwerg
met het tan patroon, kleur zwart'.
De bouw van de tan dwerg behoort er uit te zien
zoals in de 'standaard'
staat beschreven bij de 'kleurdwerg in het algemeen'.
O.a. moet de kleurdwerg 1 kg wegen en de
oortjes moeten 52 mm lang zijn. Zie het plaatje
hiernaast. Het type is geblokt en heeft een zeer korte
hals. De kop is bolvormig en het dier heeft veel
stelling (zit alert rechtop).Klik
hier voor een
uitgebreidere beschrijving van de kleurdwerg in het algemeen.
Specifiek wordt in de standaard uitgelegd hoe een
kleurdwerg met tan patroon eruit moet zien, klik
hier.Je kunt niet overal op letten als het ras nog niet perfect is. Daarom
wordt in TDF ieniemienie maar op bepaalde punten
geselecteerd.
Op 8 weken leeftijd wordt beslist of het dier
mag blijven of verkocht wordt als knuffelkonijn.
De
selectiepunten van TDF ieniemienie zijn (van belangrijkst naar minder belangrijk):
1. medische aandoeningen die overerfbaar zijn worden
niet gebruikt voor de fok (bijv. gebit, binnenbal)
2. oorlengte: op 8,0 weken maximaal 50 mm. Liefst maximaal 48 mm.
2. achterhand moet redelijk gevuld zijn / de bekkenbotjes mogen (bijna)
niet te voelen zijn
3. stelling hoeft geen F te zijn, maar ik wil geen dieren die plat op de
tafel liggen.
4. geen agressie. Helaas zijn de dieren die zich
prachtig stellen, soms ook pittiger
en agressiever, terwijl de dieren die totaal niet
agressief zijn, ook angstiger zijn en
zich niet snel laten dekken.
|

Een konijn zonder stelling 'ligt' op
de tafel |

Een kleurdwerg met
perfecte oortjes: 52 mm |
De dieren van TDF ieniemienie
voldoen niet alle aan deze punten. Maar de dieren die er nu bij komen
(eigen fok of aankoop) wel. En de oudere fokdieren die niet aan de 4
punten voldoen, gaan als eerste weg. |
klik
hier
voor foto's van verkeerd geslachtsdeel
|
 |
Beiderzijds cornea oedeem (melkoogje) en
glaucoom (te grote oogboldruk) was bij
dit dier vanaf de geboorte aanwezig. Dan
is de kans groot dat het erfelijk is.
|

Klemgebit |
|
Waarom is oorlengte
zo belangrijk?
Ik denk dat de dieren met korte oorlengte ook de echte kleurdwergen
zijn. Bijna altijd zijn deze dieren ook kleiner dan hun broertjes en zusjes,
en het type is vaak ook geblokter. En ik vind het zelf mooier als ze korte oortjes hebben.
|
|
Oorlengte voorspellen op 8 wk
leeftijd
Hieronder een tabel die men kan gebruiken
om de latere oorlengte te voorspellen. TDF ieniemienie
streeft naar een oorlengte van 5.0-5.3 cm.
Veel tan dwergen in Nederland hebben oren rond de
6 cm en ze hebben ook een groot gewicht, dus boven de 1 kg.
TABEL: DE IDEALE KLEURDWERG.
LEEFTIJD IN WEKEN - OORLENGTE IN MM - GEWICHT IN GRAM
02 20 125
03 30 150
04 35 200
05 40 250
06 43 385
07 46 400
08 48 450
09 49 500
10 50 550
11 51 600
12 52 625
13 53 650
14 53 675
15 53 700
Uitleg Genetische codes
A = agouti
A geeft wildkleur of haaskleur en is dominant over a en
at
a = non agouti
dubbel a (aa) geeft een eenkleurig dier. Bijvoorbeeld
zwart of bruin.
at
= tan of otter patroon
Het wordt een tan als het dier voldoende roodfactoren
heeft (y3)
en daarnaast lichte inblaas aan buik (ww). Het wordt een
otter als het dier (bijna) geen roodfactoren heeft (y0
of y1) en
donkere inblaas aan buik (Ww of WW).
at
is recessief ten opzichte van A maar dominant over a.
A+at
geeft dus agouti en a+at
geeft dus tan of otter patroon.
W=
|
|
Uitleg oortatouage
2RL-814
2: geboortejaar '02
RL is de code van de club uit de regio
8: geboortemaand
14: dit is het 14e konijn van die club, dat in die maand een tatoo kreeg.
De regio club
van TDF ieniemienie heet Kleindierfokkersvereniging De Heuvelrug
en heeft
code DU. |
|
|
| |
|
Bron:
Nationale Polen
& Kleurdwergenclub
Het
land van oorsprong is Nederland.
Is in Nederland erkend in 1940.
In de tabel aan het eind van de rasbeschrijving
staat een overzicht
van hetgeen erkend is bij het ras en hoe de
specifieke verdeling
over enkele posities van de standaard is.
Puntenschaal groep 1. kleur
|
Positie |
Onderdeel |
Punten
|
|
1
|
Gewicht |
10
|
|
2
|
Type, bouw en
stelling |
20
|
|
3
|
Pels en
pelsconditie |
20
|
|
4
|
Kop en oren |
15
|
|
5
|
Dek- en
buikleur |
15
|
|
6
|
Tussen- en
grondkleur |
15
|
|
7
|
Lichaamsconditie en verzorging |
5
|
| |
Totaal |
100
|
1. Gewicht
Het
gewicht is 800 tot 1100 gram.
Puntenschaal voor het gewicht:
|
Gewicht in gram |
800-870
|
880-940
|
950-1050
|
1060-1100
|
| Punten |
8
|
9
|
10
|
9
|
2. Type, bouw en
stelling
Het
type is geblokt (typegroep D), met zeer korte hals
(zogenaamd halsloos), fraaie ronde contouren en goed
gevulde achterhand. De benen zijn recht, kort en
stevig. De
voeten zijn kort en goed gesloten. Het ras is
middelhoog
gesteld. Een juiste stelling toont de aanwezige
rasadel. De
staart is klein en smal en wordt nauwsluitend tegen
de
achterhand gedragen.
3. Pels en pelsconditie
De
pels is iets korter dan normaal, dicht ingeplant,
heeft een
normale hoeveelheid onderhaar en is iets fijn van
structuur.
Pelsconditie: zie het algemene gedeelte.
4. Kop en oren
De
kop is bolvormig met breed voorhoofd en sterk
gebogen
neusbeen. De kaken, wangen en snuit zijn breed en
sterk
ontwikkeld. De ogen zijn groot en uitspringend.
De oren zijn fijn van structuur met lichtelijk
afgeronde oortoppen
en worden strak en nauwsluitend gedragen. De
inplanting is zo
nauw mogelijk. De oren zijn dicht en zeer kort
behaard. De oorlengte
is 4 - 6 cm, ideaal is ongeveer 5,2 cm.
Aaneengesloten
vormen de oren een vlak in de vorm van een
gelijkbenige driehoek.
5. Dek- en buikkleur
De
volgende kleuren zijn erkend: haaskleur,
konijngrijs, ijzergrauw,
bruingrijs, blauwgrijs, bruingrauw, blauwgrauw,
zwart,
bruin, blauw, geel, oranje, chinchilla en feh. Voor
de beschrijving
van de kleuren zie het algemene gedeelte.
6. Tussen- en grondkleur
Zie
het algemene gedeelte.
7. Lichaamsconditie en verzorging
Zie
het algemene gedeelte.
Lichte fouten
Geringe afwijking in type. Geringe afwijking in
bouw. Iets grove
benen. Iets lange benen. Iets dunne benen. Iets
zwakke voorbenen.
Iets lange pels. Iets slappe pels. Iets weinig
onderhaar.
Iets lange beharing aan oorbasis of op oren. Iets
weinig behaarde
oren. Iets zwaar behaarde oren. Iets hoekige
kopvorm. Iets
vlakke schedel. Iets gleufje in schedel. Iets
insnoering tussen
snuit en wangen. Niet geheel bolvormige kop. Iets
grove oren.
Iets afwijkende oorstructuur. Iets wijde oorstand.
Niet geheel
aan elkaar sluitende oren. Iets platte oortoppen.
Zie verder voor lichte
fouten kleur enzovoort in het algemene gedeelte.
Zware fouten
Grote afwijking in type. Grote afwijking in bouw. Te
grove benen.
Te lange dunne benen. Doorgezakte voorbenen. Te
lange pels.
Te slappe pels. Te weinig onderhaar. Te grove oren.
Te wijde
inplanting van de oren. Geheel niet sluitende oren.
Te dun
behaarde oren. Zie verder voor zware fouten kleur
enzovoort in het algemene
gedeelte. |
|
▲
terug |
|
▲ terug |
|
▲ terug |
| |
|
Bron:
Nationale Polen
& Kleurdwergenclub
Tan Zwart, Bruin en Blauw
Rondom de ogen een tankleurige ring die overal een
gelijke breedte heeft van ongeveer 3 mm, de
snuitbegrenzing bevindt zich in de neusgaten. Deze
moet smal, scherp begrensd en tankleurig zijn. Langs
en van de onderkaak af, die van onderlip tot keel
tankleurig moet zijn, smal en scherp begrensd een
intensief tankleurige streep, die doorloopt tot in
de nek. Aan de oorwortels bevindt zich aan de
voorzijde een klein ovaalvormig vlekje, het z.g.
Orenvlekje, als een voortzetting van de triangel. De
binnenzijde van de oren hebben een tankleurige
omzoming. De triangel moet tankleurig zijn. Deze
wordt gevormd door twee zijden in het verlengde van
de kaakranden, die tot elkaar komen ter hoogte van
de schouderbladen en zo een mooie scherpe belijnde
driehoek vormen. De tankleur op de borst begint
direct onder de kin en strekt zich uit tot tussen de
voorbenen, gaat over in de buikkleur en vormt
hiermede een geheel. De tankleur moet zich op de
borst zo hoog en breed mogelijk uitspreiden. De
voorbenen zijn aan de binnen- en achterzijde
tankleurig en aan voor- en buitenzijde zwart,
terwijl iedere teen een tankleurige vlek draagt. Op
de voorzijde bevinden zich losstaande tanharen, die
voor de tentoonstelling worden weggehaald. De
achterbenen zijn aan de binnenzijde en op de halve
bovenzijde, aansluitend op de binnenzijde,
tankleurig. De voetzolen zijn licht gekleurd. De
dekkleur is zuiver egaal zonder roest of schifting
of anders gekleurde haren. De kleur van de kop is
zwart, zo ook de buitenzijde van de voor- en
achterbenen en de buitenzijde en bovenzijde van oren
en staart; over de achterbenen loopt in de lengte
een scherpe scheidingslijn tussen zwart en tankleur.
De buitenste teen bevindt zich in het zwarte deel,
maar hebben wel tanvlekjes; de andere tenen zijn
tankleurig. Aan de buitenzijde van de voorbenen, bij
de borst, bevindt zich een krans van tankleurige
haren, waardoor de borstkleur voller en breder
wordt. Op de zijden en achterhand bevinden zich
lange uitstekende tankleurige getopte haren, de
"spitsen ". Zij nemen minstens de helft van de
zijden in beslag. De staart is het zwakst gekleurd
aan het uiteinde; de onderzijde is licht tankleurig.
De dekkleur is zwart, bruin of blauw. Wat betreft de
tankleur wordt nog enige soepelheid betracht.
-Zwart
De
dekkleur is glanzend diep zwart. De borst- en
buikkleur is vurig tankleurig, deze kleur strekt
zich zoveel mogelijk uit tot de haarwortels. Borst-
en buikkleur behoren egaal te zijn. Zij vormen een
belangrijk onderdeel van de Tandwerg. De onderzijde
van de staart is licht tankleurig. De schootvlekken
bevinden zich tussen de achterbenen, deze zijn
roodbruin gekleurd. De nagelkleur is donker-
hoornkleurig. De oogkleur is donkerbruin. De
tussenkleur is zwart en volgt zover mogelijk de
dekkleur tot de wortel. De grondkleur op de rug,
triangel, borst en schootvlekken is donkerblauw.
-Bruin
De
dekkleur is glanzend donkerbruin. De borst- en
buikkleur is tankleurig, deze kleur strekt zich
zoveel mogélijk uit tot de haarwortels. Borst- en
buikkleur behoren egaal te zijn. Zij vormen een
belangrijk onderdeel van de Tandwerg. De onderzijde
van de staart is licht tankleurig. De schootvlekken
bevinden zich tussen de achterbenen, deze zijn
roodbruin gekleurd. De nagelkleur is
donkerhoornkleurig. De oogkleur is donkerbruin,
onder een bepaalde belichting tonen ze een rode
gloed. De tussenkleur is bruin en volgt zover
mogelijk de dekkleur tot de wortel. De grondkleur op
de rug, triangel, borst en schootvlekken is blauw.
-Blauw
De
dekkleur is glanzend staalblauw. De borst- en
buikkleur is tankleurig, deze kleur strekt zich
zoveel mogelijk uit tot de haarwortels. Borst- en
buikkleur behoren egaal te zijn. Zij vormen een
belangrijk onderdeel van de Tandwerg. De onderzijde
van de staart is licht tankleurig. De schootvlekken
bevinden zich tussen de achterbenen, deze zijn
tankleurig. De nagelkleur is hoornkleurig. De
oogkleur is blauw. De tussenkleur is blauw en volgt
zover mogelijk de dekkleur tot de wortel. Hoe dieper
zich het blauw naar de wortel uitstrekt, hoe beter.
De grondkleur op de rug, triangel, borst en
schootvlekken is van iets lichtere nuance. De
snorharen zijn respectievelijk zwart, bruin of
blauw. Dit betreft alleen de snorharen die niet in
het tankleurige gedeelte van de bovenlip staan,
aangezien deze licht tankleurig zijn. |
|
▲
terug |
| ▲
terug |
| ▲
terug |
|